Samen met het waterschap spannen wij ons dagelijks in voor het goed functioneren van de waterketen. Daarvoor is een uitgebreide ‘blauwe infrastructuur’, van riolen tot zuiveringsinstallaties en van sloten tot gemalen. Alle onderdelen van deze blauwe infrastructuur hebben een levensloop- of groeicyclus. Ze vragen om beheer (zoals inspectie en onderhoud) en hebben een vervangingstermijn. Het goed uitvoeren van deze beheertaken vormt ons dagelijks werk.
Beleidskaders
In 2024 is het nieuwe Gemeentelijk rioleringsplan (GRP) vastgesteld door de raad. Hierin wordt het beleid beschreven voor het inzamelen en afvoeren van afvalwater, regenwater en het voorkomen van ongewenste grondwaterstanden. Ook is de Visie klimaatadaptatie vastgesteld, die raakt aan het rioleringsbeleid voor wat betreft het beperken van wateroverlast en droogte door het aanleggen van wadi’s en andere vormen van bovengrondse waterberging. Met het waterschap stellen we een nieuwe overeenkomst op voor het beheer en onderhoud van zulke nieuwe vormen van waterbeheer.
De volgende algemene en wettelijke kaders zijn van toepassing op de riolering:
- De Omgevingswet, die gemeenten verantwoordelijk stelt voor de zorgtaak voor het inzamelen van stedelijk afvalwater, de zorgtaak voor een doelmatige inzameling en verwerking van afvloeiend hemelwater en de grondwatertaak voor het voorkomen van structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand.
- De Gemeentewet, die voorziet in een bekostigingssysteem (rioolheffing) voor kosten die voortvloeien uit de zorgtaak voor stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater.
- Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten (Wibon), die het registreren van alle ondergrondse (riool)voorzieningen bij het kadaster voorschrijft.
Vastgestelde beheerniveaus
Voor riolering wordt gebruik gemaakt van de Europese inspectienorm NEN-EN 13508-2, waarmee een voor Almere specifiek basisniveau is bepaald op objectniveau. Op systeemniveau zijn beslisbomen opgesteld om te beoordelen of het basisniveau wordt gehaald. Hierbij verkeren de (technische) voorzieningen in goede staat, kan afvalwater grotendeels ongehinderd afstromen en is de bedrijfszekerheid van rioolgemalen voldoende gewaarborgd. Het basisniveau voor de riolering is vastgelegd in beheerplannen (2022).
Financiën
Het beheer en onderhoud van de riolering wordt betaald uit de rioolheffing.
Een overzicht van de kosten en opbrengsten per activiteit en een toelichting op afwijkingen ten opzichte van de begroting, is opgenomen in de Totaalbegroting onder het programma Openbare ruimte.
Staat van de riolering
De staat van het hemelwaterriool is over het algemeen goed. Er zijn verspreid over de stad wel locaties waar wateroverlast optreedt in een mate waardoor we niet voldoen aan de eisen uit het Gemeentelijk rioleringsplan. Deze locaties worden opgelost wanneer daar werkzaamheden plaatsvinden in de openbare ruimte.
Voor sommige knelpunten is echter meer nodig dan relatief kleinschalige ingrepen die door het koppelen aan andere werkzaamheden in de openbare ruimte kunnen worden uitgevoerd. Voor dit soort knelpunten zal een aparte strategie moeten worden uitgewerkt.
Het vuilwaterriool krijgt op steeds meer locaties problemen op systeemniveau met afstroming door ongelijke bodemdaling. Dit zorgt voor steeds vaker terugkerende verstopping en stankoverlast. Daarnaast is de kwaliteit van de oudere vuilwaterputten slecht. Daarom worden de oudste vuilwaterriolen vervangen, gelijk met het grootschalig onderhoud van de woonwijken en bedrijventerreinen. De eerste wijken waar het vuilwaterriool in de hele wijk nu wordt vervangen zijn De Hoven en De Marken. Voor de daarna te vervangen rioolstelsels is een meerjarenprogrammering opgesteld in combinatie met het programma voor het grootschalig onderhoud voor woonwijken en bedrijventerreinen
De oudste drainagesystemen naderen het einde van hun levensduur en worden tegelijk met het vuilwaterriool vervangen. Op locaties zonder vuilwaterriool wordt drainage vervangen wanneer er structurele grondwateroverlast is. Hiervoor wordt zoveel mogelijk aangesloten bij andere werkzaamheden (met name bij uitvoering van het programma ‘grootschalig onderhoud woonwijken en bedrijventerreinen’ in de openbare ruimte).
