De volgende bezuinigingen zijn ingeboekt bij deze begroting. Deze zullen de volgende keer in de monitor terugkomen met een rapportage over de voortgang. Op de verschillende programma’s is toegelicht hoe de bezuiniging moet worden ingevuld en wat we hiervoor gaan doen:
bedragen x € 1 miljoen
status | 2026 | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 | |
|---|---|---|---|---|---|---|
bezuinigingen hoofdlijnenakkoord | ||||||
| algemene taakstelling op economie | 0,8 | 1,0 | 1,0 | 1,0 | |
| Bezuiniging op klimaatmiddelen | 1,3 | 1,3 | 1,3 | 1,3 | |
| Diversiteit en inclusie | 0,4 | 0,4 | 0,4 | 0,4 | |
| Langzamere groei budget vervangingsinvesteringen | 0,5 | 0,5 | 0,5 | 0,5 | |
| Taakstelling bijzondere bijstand | 0,2 | 0,4 | 0,4 | 0,4 | |
totaal | 0,0 | 3,2 | 3,6 | 3,6 | 3,6 | |
andere nieuwe bezuinigingen | ||||||
| formatie Werk en inkomen | 1,1 | 1,1 | |||
| JGZ ondersteuningsstructuur wijkteams | 0,6 | 0,6 | 0,6 | ||
| ondersteuning wijkteams | 0,5 | 0,5 | |||
totaal | 2,8 | 7,7 | 13,1 | 24,4 | 25,2 |
|---|
Bezuinigingen hoofdlijnenakkoord
Algemene taakstelling op economie
In het hoofdlijnenakkoord is afgesproken om in 2027 € 0,8 miljoen en vanaf 2028 structureel € 1 miljoen te bezuingen op Economie. Het programma Economie bestaat uit de activiteiten Economische Ontwikkeling (€ 6,4 miljoen) en City Marketing (€ 2,1 miljoen). Dit najaar werken we uit hoe we deze bezuiniging kunnen realiseren. Vooralsnog gaan we er vanuit dat we de bezuiniging naar rato verdelen over de taken Economische ontwikkeling (€ 0,7 miljoen) en City Marketing (€ 0,3 miljoen).
Bezuiniging op klimaatmiddelen
In het hoofdlijnenakkoord is afgesproken dat we structureel € 1,3 miljoen bezuinigen op de klimaatmiddelen. Om dit te realiseren gaan we formatie die we momenteel uit de algemene middelen betalen, voortaan betalen uit de rijksmiddelen CDOKE (Capaciteit Decentrale Overheden voor Klimaat- en Energiebeleid). Hierdoor vallen algemene middelen vrij, maar neemt tegelijkertijd de beschikbare ruimte binnen de CDOKE-middelen af. Dit betekent dat andere activiteiten en ambities die momenteel vanuit de CDOKE-middelen worden gefinancierd, niet kunnen worden voortgezet. Via de specifieke uitkering CDOKE ontvangt de gemeente jaarlijks € 5,8 miljoen voor de uitvoering van haar klimaat- en energieopgaven. Op 21 april 2026 heeft het college een besluit genomen over de inzet van deze middelen en is de raad hierover per raadsbrief geïnformeerd. De voorgestelde verschuiving maakt een hernieuwde afweging noodzakelijk. De consequenties en benodigde keuzes worden in beeld gebracht en vervolgens ter besluitvorming aan het college voorgelegd.
Diversiteit en inclusie
In totaal is er € 1,3 miljoen structureel beschikbaar voor diversiteit en inclusie. Dit bestaat uit:
• € 0,4 miljoen wettelijke taken belegd bij Bureau Gelijke Behandeling (antidiscriminatie) en Avanti (diversiteitsagenda).
• € 0,4 miljoen programmakosten bovenwettelijke taken. Dit gaat om subsidies, projecten, bewonersinitiatieven, campagnes, netwerkversterking en bewustwordingsactiviteiten
• is € 0,5 miljoen voor apparaatskosten.
De bezuiniging zal deels via de programmakosten en deels via de apparaatskosten ingevuld worden. De bezuiniging zal ten koste gaan van de ondersteuning die de gemeente, onder meer vanuit subsidies, bieden kan aan de partners in de stad en de slagkracht van het team.
De bezuiniging op de programmakosten zal ingevuld worden door het stellen van prioriteiten. Daarbij moet rekening gehouden met een afbouwverplichting bij meerjarige subsidies. Dit gaat om ongeveer € 0,1 miljoen van het programmabudget voor bovenwettelijke taken.
Een deel van de bezuiniging wordt gerealiseerd op de apparaatskosten. Er is structureel 4,5 fte formatie beschikbaar. De formatie kan direct met 1 fte worden verkleind in verband met vacatureruimte. Daarnaast wordt structureel gekeken naar de benodigde capaciteit, inrichting, aansturing en positionering van het team Diversiteit & Inclusie in relatie tot de omvang van de opgave. De logica is dat als de structurele bovenwettelijke activiteiten afbouwen en worden versoberd, ook de beleidsinzet kan worden verkleind.
Als bij de vierde kwartaalrapportage 2026 wordt besloten uitvoering te blijven geven aan de actielijnen van het bestedingsplan diversiteit en inclusie en de toegankelijkheidsreserve is er ook ruimte voor gefaseerde afbouw. Deze aanpak voorkomt een abrupte afbouw van het maatschappelijke veld, geeft organisaties tijd om hun werkwijze en financiering aan te passen en maakt gebruik van de inhoudelijke samenhang binnen de verschillende beleidsvelden. Tevens wordt onderzocht welke activiteiten inhoudelijk passen binnen andere beleidskaders. Voor de uitvoering van de actielijnen is in 2027 ook personeel nodig. Activiteiten op de toegankelijkheidsreserve hebben een langere doorlooptijd tot 2029
Langzamere groei budget vervangingsinvesteringen
Door uitstel van investeringen (projectvertraging) in de afgelopen jaren in de openbare ruimte hoeft het budget minder hard te groeien. De verwachting is dat deze bezuiniging ingevuld kan worden.
Taakstelling bijzondere bijstand
In het hoofdlijnenakkoord is voor de bijzondere bijstand een taakstelling opgenomen van € 200.000 in 2027, oplopend naar structureel € 400.000 vanaf 2028. Uitgangspunt voor het invullen is dat eerst bespaard wordt via een efficiëntere uitvoering, daarna wordt gekeken naar voorliggende voorzieningen en tenslotte inhoudelijke versobering van regelingen aan de orde komt (bijv. herziening kredietverstrekking woninginrichting statushouders, woonkostentoeslag boven huurtoeslaggrens of verlaging draagkrachtpercentage). Eventuele wijziging van de regelingen kan snel geëffectueerd worden. De bezuiniging is voor 2027 voor de helft ingeboekt, wat in theorie betekent dat wijzigingen 1 juli 2027 doorgevoerd moeten zijn.
Andere nieuwe bezuinigingen
Formatie Werk en inkomen
Op het moment zetten wij extra capaciteit in om oplopende achterstanden terug te dringen. Deze inzet wordt dit jaar deels betaald uit bestaande budgetten, waaronder middelen die oorspronkelijk bestemd waren voor opleiding en ontwikkeling. Ook wordt een deel ten laste van het perspectief gebracht
We hebben op dit moment 10 fte extra capaciteit. Deze tijdelijke capaciteit loopt in november af. Zonder vervolg vallen we terug naar de oorspronkelijke bezetting, terwijl de onderliggende opgave, de werkvoorraden en de systeemproblemen niet zijn verdwenen. Om deze reden willen wij voor de komende twee jaar deze extra ondersteuning van ongeveer 10 fte voortzetten. Ondertussen voeren we een bredere capaciteits- en verbeteronderzoek uit. Hieruit moet een plan van aanpak komen om te kijken hoe we het werk beter kunnen indelen en efficiency behaald kan worden. Door nu gericht extra capaciteit toe te voegen, kunnen de bestaande werkvoorraden actief worden afgebouwd, kunnen wettelijke termijnen beter worden geborgd en ontstaat er ruimte om parallel te investeren in structurele verbeteringen.
Ondersteuning wijkteams
Op basis van de convenantafspraken draagt de gemeente de financiële verantwoordelijkheid voor de facilitaire ondersteuning van de Wijkteams Almere. Vanuit het gemeentelijke ICT en informatieveiligheidsbeleid is besloten dat ook medewerkers van onze convenantpartners die in de wijkteams werken, gebruik gaan maken van een Surface op het gemeentelijke netwerk. Het gaat om circa 50 fte. Deze keuze leidt tot extra ICT-kosten van € 390.000. Het betreft vooral kosten voor licenties, back-up en opslag, werkplekken en hardware. Daarnaast is € 124.000 nodig om knelpunten en achterstanden op het gebied van huisvesting en facilitaire dienstverlening aan te pakken.
Het op orde brengen van de ICT en de facilitaire ondersteuning is een randvoowaarde om (samen met onze convenantpartners) op termijn toe te werken naar de transformatie naar de aanpak 0 tot 100. Het budget wordt beschikbaar gesteld voor de jaren 2027 en 2028.
Tegelijkertijd is er op dit moment sprake van dubbele overhead. Dit komt door de huidige samenwerkingsvorm, waarbij medewerkers van de wijkteams in dienst blijven van hun eigen organisatie. Voor medewerkers van de convenantpartners betalen we daardoor zowel overheadkosten aan de moederorganisatie als overheadkosten binnen de wijkteams. Dat leidt tot dubbele kosten. In 2027 wordt een inrichtingsvoorstel voor de wijkteams opgesteld. Onderdeel daarvan is een keuze voor de toekomstige organisatievorm. Per variant moet inzichtelijk worden gemaakt wat de directe kosten en de indirecte kosten (overhead) zijn. Omdat het uitgangspunt is dat overhead slechts één keer wordt betaald, is er een taakstelling vanaf 2029 om de € 0,5 miljoen aan extra kosten structureel te besparen. Deze taakstelling is vanaf 2029 toegevoegd aan de bezuinigingsmonitor.
JGZ ondersteuningsstructuur wijkteams
Voor de inzet van schoolmaatschappelijk werk en jeugdverpleegkundigen op school is in 2026 incidenteel budget beschikbaar gesteld. Omdat deze functies sterk samenhangen met andere ontwikkelingen op het gebied van onderwijs en jeugdhulp worden deze activiteiten ook incidenteel in 2027 voortgezet. Vanaf 2028 is er geen geld voor deze activiteit. Er moet een keuze gemaakt worden of deze activiteit wordt voortgezet, doorontwikkeld of gestopt. Dit is onderdeel van de verdere uitwerking van ondersteuningsstructuur op scholen en de versterking van de sociaal pedagogische basis in het investeringsfonds jeugd. Dit betekend dat de activiteit alleen kan worden voorgezet als deze zichzelf terugverdiend. Om de taakstelling van € 0,6 miljoen in beeld te houden, hebben we de taakstelling vanaf 2028 toegevoegd aan de bezuinigingsmonitor.
