bedragen x € 1.000
omschrijving | 2026 | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 |
|---|---|---|---|---|---|
actualisatie raming BUIG | |||||
bijzondere bijstand | -192 | 21 | 327 | 327 | 327 |
formatie Werk & Inkomen | -677 | -1.100 | -1.100 | ||
uitvoeringskosten Wet Inburgering 2028 en verder | |||||
totaal | -869 | -1.079 | -773 | 327 | 327 |
Actualisatie raming BUIG
bedragen x € 1.000
omschrijving | 2026 | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 |
|---|---|---|---|---|---|
a. hogere inkomsten BUIG | 3.516 | ||||
b. bijstelling kosten | -3.840 | ||||
c. actualisatie BUIG | 324 | ||||
totaal |
In de begroting 2026 hebben wij er rekening mee gehouden dat de bijstandsuitgaven bijna € 3,0 miljoen hoger zouden uitvallen ten opzichte van de middelen die wij hiervoor van het Rijk ontvangen. Op basis van de actuele cijfers is de verwachting dat dit tekort € 0,3 miljoen lager uitvalt met name door een lichte daling van het aantal mensen in de bijstand. Hiertegenover staat dat wij ook € 0,3 miljoen minder gecompenseerd hebben gekregen van het rijk dan eerder verwacht.
Bijzondere bijstand
Wij hebben onze verwachtingen voor de uitgaven van de bijzondere bijstand geactualiseerd. Voor 2026 wordt een nadeel verwacht op de bijzondere bijstand van € 0,19 miljoen. Dit komt voor € 0,15 miljoen verband door hogere uitgaven verstrekkingen en voor € 0,04 miljoen door lagere inkomsten uit terugvordering en verhaal.
Ten opzichte van het uitgavenniveau 2026 verwachten wij voor 2027 en verder een daling van de uitgaven doordat nieuw aanvragende jongeren onder de 21 jaar per 1 januari 2026 geen beroep meer kunnen doen op de aanvullende bijstand voor woonkosten uit de bijzondere bijstand. Vanaf 2026 is landelijk de regeling gewijzigd en dienen deze kosten voor nieuwe instromers vanuit de BUIG betaald te worden. Op basis van de leeftijdsopbouw zal de huidige doelgroep uitfaseren en zal dit vanaf 2028 leiden tot een structurele besparing op de kosten bijzondere bijstand van ongeveer € 0,3 miljoen.
Formatie Werk & Inkomen
Op het moment zetten wij extra capaciteit in om oplopende achterstanden terug te dringen. Deze inzet wordt dit jaar deels betaald uit bestaande budgetten, waaronder middelen die oorspronkelijk bestemd waren voor opleiding en ontwikkeling. Ook wordt een deel ten laste van het perspectief gebracht
We hebben op dit moment 10 fte extra capaciteit. Deze tijdelijke capaciteit loopt in november af. Zonder vervolg vallen we terug naar de oorspronkelijke bezetting, terwijl de onderliggende opgave, de werkvoorraden en de systeemproblemen niet zijn verdwenen. Om deze reden willen wij voor de komende twee jaar deze extra ondersteuning van ongeveer 10 fte voortzetten. Ondertussen voeren we een bredere capaciteits- en verbeteronderzoek uit. Hieruit moet een plan van aanpak komen om te kijken hoe we het werk beter kunnen indelen en efficiency behaald kan worden. Door nu gericht extra capaciteit toe te voegen, kunnen de bestaande werkvoorraden actief worden afgebouwd, kunnen wettelijke termijnen beter worden geborgd en ontstaat er ruimte om parallel te investeren in structurele verbeteringen.
Uitvoeringskosten Wet Inburgering 2028 en verder
bedragen x € 1.000
omschrijving | 2026 | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 |
|---|---|---|---|---|---|
stelpost in begroting | 1.200 | 1.200 | 1.200 | ||
wegvallende dekking | -1.200 | -1.200 | -1.200 | ||
totaal |
Bij de invoering van de wet Inburgering in 2022 zijn voor de uitvoeringskosten middelen beschikbaar gesteld vanuit het gemeentefonds. Sindsdien is het aantal inburgeringsplichtige statushouders verviervoudigd. De budgetten voor de uitvoeringskosten zijn hier echter niet op aangepast.
Voor de jaren 2026 en 2027 is dit grotendeels opgelost doordat wij incidenteel € 1 miljoen beschikbaar hebben gesteld. Bij het beschikbaar stellen van deze incidentele middelen was de verwachting dat er in de toekomst extra middelen vanuit het Rijk beschikbaar zouden komen. Het Rijk is voornemens voor 2027 en 2028 landelijk extra middelen beschikbaar te stellen. Deze beoogde incidentele bijdrage dekt echter bij lange na niet de daadwerkelijke uitvoeringskosten en biedt bovendien geen structurele oplossing. Doordat er (nog) geen structurele dekking is, dreigt er vanaf 2028 sprake van een knelpunt. Zonder bijsturing is er sprake van een structureel financieel knelpunt van € 1,2 miljoen. Dit willen wij nu oplossen om onze taken uit te kunnen blijven voeren. Structureel vinden we dat het Rijk ons meer geld moet geven voor de uitvoeringskosten inburgering.
We gaan proberen deze kosten zoveel als mogelijk te beperken. Wij zijn aan het onderzoeken welke inzet minimaal nodig is om onze wettelijke taken te voldoen.
